Aansluiting & Samenhang

De aansluiting van dans bij de betreffende doelgroep kan gevonden worden in onderzoek van Van Dorsten (2014) en Vermeersch et al. (2016). Zij schetsen allebei welke vaardigheden dominant zijn voor de leeftijdsgroep 6-12 jaar. Ze werden vaak opgesplitst in kleinere leeftijdsgroepen. Deze ontwikkeling zal meegenomen worden bij de inhoudelijke vormgeving van de interactieve website.

 

Daaruit kan geconcludeerd worden dat:

1)     Leerlingen uit de lagere schoolcontext een focus hebben op de vaardigheden verbeelden en starten met conceptualiseren.

2)     Ze binnen ieder van de vier vaardigheden ook een sterke focus hebben. Waarnemen (beleven en ervaren), verbeelden (verbeelden en verzinnen), conceptualiseren (duiden en waarderen) en analyseren (ontleden en onderzoeken).

3)     Enkele tips per leeftijdscategorie die helpen bij het ontwikkelen van danseducatief materiaal. Deze komen overeen met de verdeling in graden in de lagere school.

§  6-8 jaar:

·       Waarnemen

o   Systematischere waarneming. Voor dans betekent dit dat ze passen materiaal gedetailleerder opnemen, medeleerlingen beter kunnen bekijken,…

o   Taxonomische waarneming (kijken naar dans aan de hand van concepten, zelf dans ervaren vanuit concepten,…)

o   Inhibitie ‘tegenstand tegen prikkel’. Hierdoor zullen ze binnen improvisatie meer vrijheid ervaren.

o   Heerineringsstrategieën ontwikkelen waardoor leerlingen choreografie en lesmateriaal zelfstandig kunnen weergeven.

·       Verbeelden

o   Rollenspellen

o   Verbeelding op basis van concepten

o   Associatief spel

o   Groeiende aandacht organisatie en compositie bij creëren

·       Conceptualiseren

o   Gaan ove rnaar het gebruik van abstracte concepten

o   Narratieve groeit

·       Analyseren

o   Begrip van functionaliteit

o   Temporaal inzicht

o   Decentratie

o   Conservatie

 

§  8-10 jaar

·       Waarnemen

o   Echtheid in situatie is belangrijk. Zorg ervoor dat de thema’s van het danseducatief materiaal hierop aansluiten.

·       Verbeelden

o   Echte zelf en ideale zelf

o   Realisme

·       Conceptualiseren

o   Dominant!

o    

·       Analyseren

o   Relatie tijd en ruimte

o   Causaal redeneren

 

§  10-12 jaar:

·       Waarnemen

o   Waardering en waarneming zijn sterk verbonden.

o   Meer zelfsturing en autonomie

·       Verbeelden

o   Informatie manipuleren

o   Echtheid vs. Extreem fantastische elementen

·       Conceptualiseren

·       Analyseren

o   Analyse vooral in functie van conceptualsieren

o   Afstand nemen eigen overtuigingen

o   Relatie tussen twee zaken van informatie

! Binnenkort wordt de informatie voor de middelbare schoolleeftijd ook toegevoegd.

 

Een tweede vorm van aansluiting kan gevonden worden bij het implementeren van dans in het gehele curriculum. Paine (2014) stelt dat het belangrijk is om de relatie van dans ten opzichte van het curriculum steeds te bewaken maar tegelijkertijd de vordering in dansspecifieke competenties niet te verliezen. De samenhang kan voor dans gevonden doordat het vanuit een horizontale gedachte transdisciplinair in het schoolcurriculum ingebed wordt. Zoals de Prefix ‘trans’ aangeeft bevat transdisciplinariteit alles wat tussen, over en voorbij alle disciplines (en vakken) zit (Nicolescu, 2005). Het woord zelf is vrij recent en werd voor het eerst door ontwikkelingspsycholoog Jean Piaget in 1970 geïntroduceerd (Thomas, 2015; Nicolescu, 2005; Hyun, 2011). Piaget gaf er de betekenis: boven zijn aan. Transdisciplinariteit is voor hem een principe voor de eenheid van kennis voorbij afzonderlijke disciplines. Deze benadering impliceert een volledige interactie tussen, met en voorbij disciplines vanuit een real-life en probleemgestuurd perspectief (Hyun, 2011). Anderzijds zal rekening gehouden moeten worden met de visie van de school op cultuuronderwijs aanzich. Paine (2014) geeft een mooi overzicht van de mogelijkheden van dans om aan te sluiten bij andere schoolvakken.